Een oplaadkabel voert stroom, vaak een hele nacht lang, vlak naast je bed. Toch kopen de meeste mensen de goedkoopste die ze tegenkomen. Hieronder staat waar je op let, zonder bangmakerij.
Wat kan er misgaan?
Het grootste risico zit niet in de kabel op zich, maar in warmte op een klein oppervlak. Als er te veel stroom door te dunne draadjes gaat, of als er nog maar een paar aders contact maken in een beschadigde kabel, wordt dat punt heet. In het gunstigste geval smelt er wat plastic. In het ongunstigste geval geeft het brand.
Een tweede risico is schade aan je toestel. Een kabel die de afgesproken spanning niet netjes doorgeeft, kan de laadchip in je telefoon belasten. Bij een fatsoenlijke kabel is dat geen zorg.
Waar je op let bij het kopen
- CE-markering. Die hoort op de verpakking of de kabel te staan. Ontbreekt hij, dan is dat een slecht teken.
- Duidelijke specificaties. Een fatsoenlijke fabrikant vermeldt het vermogen, bijvoorbeeld 60 W of 100 W, en de lengte. Staat er alleen "snellaadkabel" zonder cijfers, dan weet je niets.
- Stevige trekontlasting. Voel bij de stekker. Loopt de mantel geleidelijk over in het harde deel, of houdt hij abrupt op? Dat laatste breekt eerder.
- Gewicht en dikte. Een kabel die is opgegeven voor 100 watt heeft dikkere aders en voelt zwaarder. Een flinterdun kabeltje dat 240 watt belooft, klopt niet.
Past het vermogen bij je oplader?
Dit wordt vaak omgedraaid. Een kabel die voor meer watt is opgegeven dan je oplader levert, is geen probleem: er gaat gewoon minder doorheen. Andersom wel. Een oplader van 100 watt met een kabel die op 60 watt zit, betekent dat de kabel de beperking vormt.
Goede kabels lossen dit op met een e-marker chip die aan de oplader doorgeeft hoeveel er veilig doorheen kan. Die vind je bij onze snellaadkabels. Voor een telefoon is 60 watt ruim genoeg; voor een laptop kies je 100 watt.
Namaak herkennen
Rond Apple-kabels is de markt vol nabootsingen. Aanwijzingen dat er iets niet klopt:
- een prijs die ver onder de rest ligt;
- slordig drukwerk of spelfouten op de verpakking;
- een melding op je iPhone dat het accessoire niet wordt ondersteund;
- ruwe randen of een scheve naad op de stekker.
Koop bij een verkoper die je kunt bereiken en die garantie geeft. Dat is de eenvoudigste bescherming.
Wanneer gooi je een kabel weg?
Direct, als je dit ziet:
- zichtbaar koper of een gescheurde mantel;
- een verkleurde, zwartgeblakerde of vervormde stekker;
- een plek die warm wordt tijdens het laden;
- laden dat alleen werkt in een bepaalde stand.
Kabels horen niet bij het restafval. Lever ze in bij de milieustraat of een inzamelpunt voor elektronica.
Veilig opladen: een paar gewoontes
- Laad je telefoon niet onder je kussen of dekbed. Daar kan de warmte niet weg.
- Leg hem niet op het dashboard in de zon.
- Gebruik geen kabel die doorweekt is geweest, ook niet als hij weer droog is.
- Laat een kabel niet in het stopcontact zitten met het losse uiteinde binnen bereik van kleine kinderen of huisdieren.
Twijfel je over een kabel die je al hebt? Vervangen kost een paar euro. Bekijk onze oplaadkabels.